Gemeentelijke Ombudsman Amsterdam, Almere, Diemen, Zaanstad, Weesp, Waterland, Landsmeer, Stadsregio Amsterdam, Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland

Het kantoor van de Gemeentelijke Ombudsman is op donderdag 17 mei (Hemelvaart) en vrijdag 18 mei gesloten.

LAATSTE ONDERZOEKSRAPPORTEN

Gebrekkige uitvoering én klachtbehandeling PC-voorziening

Amsterdam, Dienst Werk en Inkomen (rapportnr: RA120793)

De Dienst Werk en Inkomen (DWI) kent een man in 2007 een PC-voorziening toe. Het internetabonnement gaat in op 13 februari 2008 en is geldig tot 12 februari 2011. De dienst betaalt de abonnementskosten rechtstreeks aan UPC. In 2009 verneemt de man echter van UPC dat DWI geen betalingen meer doet.... > lees meer
Het spoor bijster

Amsterdam, Dienst Milieu en Bouwtoezicht (rapportnr: RA120761)

Een man, woonachtig in de Spaarndammerbuurt in Amsterdam, ondervindt geluidsoverlast van nachtelijke werkzaamheden aan het spoor, uitgevoerd door Prorail. Hij beklaagt zich hierover bij Prorail, de politie en de gemeente (Dienst Milieu en Bouwtoezicht). Een inspecteur van de dienst komt langs bij... > lees meer
Onoverbrugbaar hoogteverschil vloerpeilen

Zaanstad (rapportnr: RA120747)

Een echtpaar bezit een vrijstaande woning aan de rand van een woonwijk in Wormerveer. Het naastgelegen perceel is in eigendom van een woningbouwcorporatie (hierna: de corporatie). Die realiseert daarop nieuwbouw. Tijdens de bouw ziet het echtpaar dat de nieuwe woningen hoger komen te liggen dan d... > lees meer

Column

Preventief fouilleren

07-10-2011
Share |
print
Preventief fouilleren
In Amsterdam, Rotterdam en op Schiphol worden jaarlijks ongeveer 50.000 personen gefouilleerd. Dat wil niet zeggen dat zij er allemaal van worden verdacht iets op hun kerfstok te hebben. Burgemeesters kunnen namelijk bepaalde gebieden binnen hun gemeente aanwijzen waar preventief mag worden gefouilleerd. Op die plaatsen kan letterlijk iedereen aan een controle worden onderworpen.

Met het preventief fouilleren wil de overheid voorkomen dat burgers wapens gaan dragen en het gevoel van veiligheid op straat vergroten. Als burgers mogen we van de overheid verwachten dat deze  over onze veiligheid waakt door bijvoorbeeld mensen preventief te fouilleren. Aan de andere kant maakt preventief fouilleren inbreuk op de privacy en de lichamelijke integriteit van de burgers. Deze inbreuk kan echter gerechtvaardigd zijn maar dan moet deze wel met voldoende waarborgen zijn omkleed.

 

De Nationale ombudsman nam het initiatief voor een onderzoek naar de wijze waarop het preventief fouilleren momenteel plaatsvindt. Het onderzoek werd verricht door de Nationale ombudsman en de ombudsmannen van Rotterdam en Amsterdam. Daarbij gingen we  ook met de politie de straat op en voerden we gesprekken met verschillende betrokkenen zoals burgemeesters, officieren van justitie, politiefunctionarissen en gefouilleerde burgers. De Nationale ombudsman richtte op zijn website een speciaal meldpunt in waar burgers hun ervaringen met betrekking tot preventief fouilleren kwijt konden.


De resultaten van het onderzoek werden op 15 september in het Haagse Nieuwspoort gepresenteerd in de vorm van ons gezamenlijke rapport “Waarborgen bij preventief fouilleren; over de spanning tussen veiligheid, privacy en selectie.” Hierin constateren wij dat het doel en de uitvoering van het preventief fouilleren veranderen. In de praktijk wordt het middel steeds vaker gericht ingezet. Er vindt daarbij een verschuiving plaats van het preventief fouilleren als algemeen controlerend middel naar een middel met een voornamelijk strafrechtelijk doel, namelijk zoveel mogelijk wapens in beslag nemen waarbij een zo klein mogelijke groep wordt gefouilleerd.

 

Wij begrijpen de behoefte aan dit ‘slimme’ preventief fouilleren waarbij gebruik wordt gemaakt van selectiecriteria. Daarmee hoeft immers minder politie te worden ingezet en hoeven er ook minder burgers te worden lastiggevallen. Maar het is wel aan de wetgever om die keuze te maken. En als daarvoor gekozen wordt dient er ook een herijking plaats te vinden van het middel preventief fouilleren.

 

Daarnaast vragen wij ons af of voor dergelijke gerichte acties het  preventief fouilleren nog wel toelaatbaar is, of dat in deze situaties gebruik moet worden gemaakt van de mogelijkheden die het strafrecht biedt. De officier van justitie zou moeten bepalen of bij een bepaalde actie gebruik kan worden gemaakt van het bestuursrechtelijke instrument preventief fouilleren of dat gebruik moet worden gemaakt van strafvorderlijke bevoegdheden.

 

Wanneer tijdens de actie selectiecriteria worden gehanteerd moeten deze objectief zijn, onderbouwd met politie-informatie en bij het doel van de actie passen. Selectiecriteria op grond van ras, religie of strafrechtelijke gegevens zijn niet toegestaan.

 

Wij pleiten daarom voor een “aangeklede toets” door de officier van justitie vooraf waarbij het doel van de actie centraal staat. Daarbij dient eerst het doel te worden bepaald, waarna de toets door de officier van justitie kan plaatsvinden. Het doel van de specifieke fouilleeractie moet vervolgens zijn gekoppeld aan de vorm van de actie en de eventuele selectiecriteria

 

De toets door de officier van justitie leidt tot meer reflectie en biedt de gelegenheid om achteraf te controleren of de actie correct is uitgevoerd en of het doel van de specifieke actie is bereikt. En daar zijn zowel de rechten van de burger als de efficiëntie van de uitvoeringspraktijk mee gediend.